Tijdens de stille zomermaanden kan u acht weken lang op zaterdag een mooi top-tien lijstje vinden van allerlei zaken omtrend het Eurovisie Songfestival. Sinds begin deze maand tot en met 20 augustus, de voorlaatste zaterdag van de grote vakantie stellen we lijstjes samen. Vandaag deel 5 van de acht; met de titel ‘Wat stoort u het meest?’: Deze week deden hebben we rondgevraagd. We vroegen aan 25 mensen wat hun het meeste stoort op het Eurovisie Songfestival. We gaven ze keuze uit tien dingen.

 

10 De tweetaligheid van de presentatoren
Op tien staat de tweetaligheid van de presentatoren op het Eurovisie Songfestival. We hoorden vooral dat men het Frans liever niet zou horen op het Eurovisie Songfestival bij de presentatoren en enkel het Engels te behouden. En als het dan toch er is, dat het dan goed wordt uitgesproken. Dit jaar (foto) en vorig jaar ging het heel goed met het Frans, maar in 2009 leek het meer op Chinees dan op Frans (in de halve finales). Al is het wel handig voor Frankrijk, Zwitserland en Wallonië.
9 Halve finales
Een heikelpunt voor de Nederlandse deelnemers (foto, 2011) al zeven jaar lang, maar toch zijn de meeste toch relatief blij met de halve finales. Dankzij de halve finales mocht ieder land er weer elk jaar bij zijn op het Eurovisie Songfestival en kregen we één en sinds 2008 twee avonden erbij. Nadelig is dan weer dat landen zich moeten gaan kwalificeren voor de finale en ervoor moeten zorgen dat ze zich promoten voor de halve finalisten. Nederland is het grootste slachtoffer van de halve finales.
8 Niet-Europese landen
Armenië, Azerbeidzjan, Israël, Georgië, Cyprus,… het zijn landen die eigenlijk meer tot Azië behoren dan tot bij Europa, maar toch doen ze mee aan het Eurovisie Songfestival. Volgend jaar gaat het Songfestival naar Azië en ook het Junior Eurovisie Songfestival dit jaar zal Azië aandoen. Op acht staan dus daarom de niet-Europese landen. Veel kunnen we er niet meer aan doen. Deze landen zijn ook ingedeelt in de Europese voetbalwedstrijden, kwalificaties voor Olympische Spelen enzovoort…
7 Televoting
In zowel het Junior Eurovisie Songfestival als het gewone Eurovisie Songfestival is het aanwezig; televoting. Voor de ene storend en voor de andere leuk. De televoting is ‘officieël’ ingevoerd om de kijkers een stem te laten hebben in de wedstrijd, maar natuurlijk gaat het hier vooral om de miljoenen euros die ze opbrengen. Dankzij de televoting is er ook meer sprake van vriendjespolitiek en de blokvoting. De televoting is voor het eerst ingevoerd tijdens het Eurovisie Songfestival in 1997 in Dublin.
6 Verplichte meerkeuze in nationale finales vanaf 2012.
In Zweden zal het zeker geen probleem zijn, want zij houden van hun nationale voorronde en hun keuzemogelijkheden, maar de VRT staat er niet echt om te springen; de verplichte meerkeuze dat de omroep moet bieden aan het publiek. Het maakt niet uit of het de artiest of het lied is, maar het moet er zijn. Voor landen als San Marino en misschien later ook Liechtenstein, Andorra en Monaco is niet niet van zelfsprekend, omdat deze landen samen nog geen 200.000 inwoners hebben.
5 Einde van orkest
In 1998 kwam er een einde aan één van de langste tradities op het Eurovisie Songfestival; het orkest. Vele missen dit orkest en er zijn al vele acties geweest om het orkest terug te krijgen op het Eurovisie Songfestival, allen zijn mislukt. Het orkest had toch enige charme, maar ook een hoge kostprijs en in deze moderne dagen zou een orkest waarschijnlijk niet meer passen. Dick Bakker (foto) was de laatste Nederlandse dirigent. Bob Porter was de laatste Belgische in 1996.
4 Invoering van vrije taalregel
Met de afschaf van het orkest in 1999 was de kous nog niet af. Hetzelfde jaar werd ook de taalregel afgeschaft. Voordien moest men in de eigen landstaal zingen, sinds 1999 moest dat niet meer. België maakte hier in 1999 al meteen gebruik van met Vanessa Chinitor, maar in 1975 zon België voor het eerst in het Engels met Ann Christy’s ‘Gelukkig Zijn’. Tussen 1973 en 1976 mocht er namelijk ook in een andere taal dan de eigen landstaal gezongen worden, met succes voor sommigen.
3 ‘Over the top’-optredens
Ze openen onze top 3; de optredens waar iedereen eens goed kan mee lachen. In 2006 hadden we Litouwen en IJsland, in 2007 Denemarken (foto), Oekraïne en het Verenigd Koninkrijk, in 2008 Spanje en Ierland, in 2009 Tsjechië en Letland en dit jaar nog Moldavië. Vele zijn gedoemd om te mislukken, maar toch. In 2007 werd Oekraïne nog tweede met een travestiet en in 2006 werden de Litouwers zesde met hun geschreeuw dat ze gingen winnen. De laatste jaren zien we ze minder, dankzij de jury.
2 Big Five
Op twee staan vijf landen; Duitsland, Frankrijk, Italië, Spanje en het Verenigd Koninkrijk (foto; 2011) AKA ‘The Big Five’. Deze vijf landen hebben het voorrecht om meteen in de finale te starten. Het is het meest oneerlijkste ding in het Songfestival, want Rusland zou zelfs meer dan Spanje betalen en die staan niet in de ‘Big Five’. Voorlopig lijkt de regel nog lang niet afgeschaft en blijven deze vijf landen verzekerd van een plaatsje in de finale, ook al werd Spanje bijna laatste in de editie van dit jaar in Düsseldorf.
1 Blokvoting
Met ruime voorsprong op één staat iets wat nooit is weggeweest van het Songfestival; de blokvoting. Griekenland en Cyprus, Roemenië en Moldavië, Ierland en het Verenigd Koninkrijk en in mindere mate ook België en Nederland maken er gebruik van. Net zoals Scandinavische landen en de landen uit de Balkan ook op elkaar stemmen. De juries kunnen er ook niet veel aan verminderen, want ook dit jaar gaf Cyprus de twaalf aan Griekenland en Roemenië de twaalf aan Moldavië en andersom en het Verenigd Koninkrijk gaf ook de twaalf aan Ierland.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Category

📰 Nieuws