Hoe je het draait of keert: het Eurovisiesongfestival is veel meer dan artiesten die voor landen zingen. In Eurovision Basics leggen we elke week een term uit die – frequent of minder frequent – u moet kennen om een Songfestivalexpert te worden. Met vandaag: gelijkspel.

Enkele weken – begin november was dat – geleden hadden we het in Eurovision Basics in een tweeluik over het reglement (Deel 1 • Deel 2) van het Eurovisiesongfestival. Zoals beloofd in het eerste deel gingen we later uitvoerig terugkomen op het fenomeen gelijkspel. Tot en met 1969 was er daar geen regel over. Een jaar later kwam die er wel omwille van een voorval dat jaar.

“There are four winners this year”

We moeten terug naar de puntentelling van het gezegende jaar 1969. Al van in het begin leek het te gaan tussen Frankrijk, Nederland, Spanje en het Verenigd Koninkrijk als het op de eindoverwinning aankwam. Een ietwat zenuwachtige presentatrice zag een ex-aequo aankomen tussen FrankrijkNederland en Spanje (allen 18 punten) en wou na het voorlaatste stemmende land zich al richten tot EBU-toezichter Brown. Die maakte de presentatrice erop attent dat Finland nog moest stemmen. De Finnen gaven één punt aan het Verenigd Koninkrijk, die ook op achttien kwamen. De overige drie leiders kregen geen punten.

Een groot applaus in de zaal wanneer Spanje (samen met drie andere landen) had gewonnen. Het was de allereerste keer dat een gastland een openbare puntentelling kon winnen (in 1956 was er geen puntentelling toen Zwitserland won in Lugano). Het was alsook de eerste keer dat een land twee keer achter elkaar won. Presentatrice Valenzuela moest zich opnieuw richten tot de toezichters. EBU-toezichter Brown moest wel zeggen dat er vier winnaars waren, aangezien er geen regels omtrent een ex-aequo waren. Die kwamen er in 1970, maar het belette enkele landen toch niet ervan om zich terug te trekken wegens protest.

Er waren te weinig prijzen voor alle artiesten. In die tijd kreeg de artiest, de tekstschrijvers, de componist en de dirigent een medaille. Deze werden nu aan de vier winnaars gegeven en de overige betrokkenen kregen hun prijs later per post toegestuurd.

Op volgorde van optreden gaven de Spaanse Salomé, de Britse Lulu, De Nederlandse Lenny Kuhr en de Franse Frida Boccora een reprise aan het einde van de uitzending. De uitzending eindigde met een leeg podium en heel wat vragen. Het winnende land mocht namelijk het jaar erop organiseren.

Gelijkstand doorheen de jaren

Vanaf 1970 werd de regel geïntroduceerd dat als twee of meer landen op de eerste plaats eindigden, ze opnieuw een optreden moesten geven. De andere deelnemende landen moesten dan opnieuw een stem uitbrengen op één van de betrokken landen. Tot en met 1988 bleef deze regel in de boeken staan, maar is deze nooit gebruikt. Landen die evenveel punten hadden, maar niet op een eerste plaats waren geëindigd, deelden gewoon dezelfde notering. Zo deelden de Nederlanders en Denen in 1987 samen de vijfde plek.

In 1989 werd een nieuwe formule gebruikt met de zogenaamde countback ingevoerd voor de eerste plaats. Dan werd er gekeken naar wie er de meeste topnoteringen had gekregen (12 punten) die avond. Als dat gelijk was, keek men naar de 10 punten en zo verder naar 1 punt. Mocht alles gelijk zijn, wonnen alsnog beide landen. Wederom telde deze regel enkel voor de eerste plaats.

Eenmaal moest de methode worden toegepast en dat was in 1991. Zweden en Frankrijk hadden evenveel punten, maar Zweden werd als winnaar uitgeroepen. Ze hadden beiden viermaal de maximum score gekregen, maar Zweden kreeg meer 10 punten (vijf tegenover vier).

De laatste wijziging gebeurde in 2009. Vanaf dan zou er nog een voorafgaande regel komen alvorens men ging kijken naar het aantal topscores. Vanaf dan keek de organisatie eerst naar het aantal landen dat voor een land had gestemd. Ook werd vanaf dan voor alle posities dit toegepast.

Gelijkstand vandaag

In 2016 werd de laatste grote wijziging ingevoerd inzake de puntentelling. Vandaag de dag schrijft het reglement de volgende zaken voor inzake gelijkspel op het Eurovisiesongfestival.

  • Bij een gelijkstand in de globale eindstand krijgt de stem van het publiek voorgang. Wie dus meer punten van het publiek kreeg, krijgt dus een hogere positie. Mocht dit gelijk zijn, zal er naar het aantal maximale noteringen worden gekeken. Als dit gelijk is, kijkt men naar het aantal tweede noteringen en zo verder naar de tiende notering (1 punt) per land. Mocht alles gelijk zijn, krijgt het land dat eerst optrad voorrang op het scorebord.
  • Bij een gelijkstand bij de globale televotingranking krijgt het land dat van het grootste aantal landen punten kreeg een hogere notering. Mocht dit gelijk zijn, zal er naar het aantal maximale noteringen worden gekeken. Als dit gelijk is, kijkt men naar het aantal tweede noteringen en zo verder naar de tiende notering (1 punt) per land. Mocht alles gelijk zijn, krijgt het land dat eerst optrad voorrang op het scorebord.
  • Mochten twee of meer landen in een nationale uitslag bij de kijkers een gelijk aantal stemmen hebben gekregen, zal het lied dat de hoogste ranking heeft bij de jury een hogere plaats krijgen.
  • Bij een gelijkstand in een nationale jury zal er een stemming tussen de twee (of meerdere) liedjes plaatsvinden door middel van show of hands. Vrij vertaald: je hand opsteken. Diegene met de meeste handen krijgt een hogere ranking.

Sinds 1991 is het niet meer voorgekomen dat een eerste plaats moest bepaald worden via een zulke regels, maar sinds de introductie van de halve finales is het één keer voorgekomen dat twee landen evenveel punten hadden op de tiende plaats. Doordat Noorwegen in 2012 van meer landen punten had gekregen, ging het wel door ten nadele van Bulgarije. Beide landen hadden 45 punten.

Tooji werd laatste in de finale.

Volgende week in Eurovision Basics: ‘nil points’.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.